Snert (geen erwtensoep)

Snert is geen erwtensoep.

Snert is de moeder van alle soepen.

 

Snert vult, maakt warm en maakt gelukkig.

 

En ik? Ik maak echt hele goede snert.

 

Hoe? Dat lees je hieronder.

Je krijgt het recept, de regels en dus de kans om iedereen blij te maken, tijdens de koude winterdagen.

 

Maar weet wel, het kost je gewoon anderhalve dag om goede snert te maken. Dus weet waar je aan begint.

Dus je hebt besloten, om snert te gaan maken? Goed dan...

 

Ik geef je een boodschappenlijstje:

 

Begin met het leegmaken van je agenda voor de komende twee dagen.

 

En dan haal je dit even in huis:

- 1 kilo kinnebakspek (leg ik nog uit);

- 1 hamschijf van een kilo;

- 3 oerhammetjes (optioneel);

- 1 stuk varkensnek van een kilo (met het botje er los bij);

- 1 kilo krabbetjes of spareribs;

- 2 1/2 kilo spliterwten;

- 1 knolselderij;

- 1 kilo aardappelen;

- 1 kilo winterpeen (en een paar extra voor de bouillon);

- 6 stokken prei;

- 1 kilo gele uien (en een paar extra voor de bouillon);

- 1 bleekselderij;

- 8 rookworsten (de beste die je kunt krijgen);

- Zwarte peper korrels (handje vol);

- Laurierblaadjes (ongeveer 6 of 7);

- Zeezout (naar smaak).

 

En een mooie grote pan met een dikke bodem. Ik heb een pan van 16 liter inhoud.

Je begint met het maken van de bouillon voor de soep.

 

Op de bodem van de pan leg je de stukken vlees met de botten.

Dus het botje van de varkensnek, de hamschijf, de oerhammetjes en de spareribs of krabbetjes.

Daar bovenop leg je de varkensnek en het kinnebakspek.

 

Doe wat uien, wortels en een paar stengels bleekselderij in de pan. Een handvol zwarte peperkorrels en wat laurierblaadjes. Dan water tot vlak onder de rand toevoegen en op laag vuur opzetten.

Het vlees moet langzaam garen in de pan. Dit kan rustig 5 tot 6 uur opstaan.

Af en toe wat vet afscheppen kan geen kwaad.

Mooi hè? ik kan echt genieten van zo'n pan vol mooi vlees. Op weg naar snert...

Doe ondertussen je spliterwten in een ruime kom, pan of schaal.

 

Strooi er wat zeezout op en giet er water op, totdat de spliterwten ongeveer een centimeter of twee onder water staan.

 

Zorg er voor dat je ruimte genoeg hebt in de pan, want ze zullen het water opnemen en meer dan verdubbelen in omvang.

 

Het weken van de spliterwten verkort de kooktijd en zorgt ervoor, dat ze mooi uit elkaar vallen en hun zetmeel afgeven aan de soep.

Als de spliterwten geweekt zijn, hebben ze ook meteen een mooiere, diepere groene kleur.

 

Die twee kilo lijkt veel, zeker als je ze geweekt hebt.

Maar je hebt dit nodig voor een mooie, dikke, volle snert.

 

Snert is dik en stevig.

Niet te verwarren met erwtensoep.

Erwtensoep is meer vloeibaar en er zit veel minder in.

 

Maar goed, we zijn nog maar net begonnen...

Aan het snertavontuur.

Als het vlees gaar is, dan zet ik het vuur uit en laat ik het helemaal afkoelen.

Meestal duurt dat een nachtje. Maar ik heb nooit gezegd, dat je het allemaal maar even snel in elkaar flanst hè?

De volgende dag haal ik het vlees uit de pan en dan zeef ik de bouillon.

Door het vlees wat je gebruikt, zit er best wel wat vettige aanslag in de pan. Dus ik was de pan even schoon.

De gebruikte groenten, laurier en peperkorrels mogen weg. Die hebben hun werk gedaan.

Dan doe ik de geweekte spliterwten er in en overgiet deze met de bouillon.

 

En nu, jongens en meisjes, gaat het zware werk beginnen.

Op middelhoog vuur, gaan we de spliterwten gaarkoken. Dat kan best lang duren, afhankelijk van de spliterwten.

Om te voorkomen, dat de boel aankoekt op de bodem, moet je we iedere 10 minuten tot kwartier even goed roeren. Zorg dat alles los blijft van de bodem.

In de tijd dat de spliterwten worden gegaard, ga je met het vlees aan de gang.

 

Verwijder alle botten en eventuele stukjes kraakbeen.

 

Snijdt het vlees vooral niet te klein.

Je mag best zien wat je eet.

En daarbij, als je het wel klein snijdt, dan kan het zijn, dat het zo ver uit elkaar valt, dat je niet meer terug vindt.

 

Het zal voor de smaak weinig uitmaken denk, maar ik vind het mooi, als ik een mooi stuk vlees in mijn snert zie.

Het is de bedoeling, dat de spliterwten rustig de tijd krijgen om te garen. Als ze goed gaar zijn, dan geven ze op het eind hun zetmeel af. De spiterwten lossen bijna geheel op in de bouillon. En dan zul je ook zien, dan de bouillon mooi dik wordt. Maar dan echt dik. Dit is de basis van je snert.

Dan gaan we de groeten toevoegen. Snert is een maaltijdsoep. Dus aardappelen groente en vlees in een kommetje, zeg maar...

Snijdt ook je groenten niet te klein. Alles wordt langzaam gegaard, dus dan hou je nog wat over om naar te kijken op te kauwen als je gaat eten.

De winterpeen in schijfjes, de resterende bleekselderij in plakjes, de uien, knolselderij en aardappel in blokjes van ongeveer een centimeter (liefst nog ietsje groter).

 

Vergeet niet te blijven roeren in de pan hoor!

Nou kan het natuurlijk gebeuren, dat je grote pan, toch niet groot genoeg is.

 

Gebeurt zelfs de beste wel eens....

 

Daar heb ik dan een oplossing voor.

 

Pak je op één na grootste pan erbij en verdeel het eerlijk over de twee of drie pannen.

 

Laat de groenten rustig mee garen in de snert. Voeg ondertussen lekker wat grof gemalen zwarte peper toe en zeezout naar smaak.

Blijf roeren!

Als de groenten zacht beginnen te worden, dan kan het vlees er bij.

Roer alles voorzichtig door.

Je wilt natuurlijk niet, dat je zorgvuldig bereide vlees, alsnog aan draden wordt geroerd.

Het zware werk zit er nu op. De snert is klaar en je bent uitgeroerd.

Vuur uit en verdelen over bakjes naar behoefte. Op de gevulde bakjes leg je plakjes van de rookworst en ze zijn klaar voor de vriezer.

Ik ben nog wel wat uitleg verschuldigd over het kinnebakspek.

Kinnebakspek komt van de onderkaak van het varken. Het is vetter dan het buikspek. Zachter ook.

 

Laat ik de eerste zijn die toegeeft, dat er veel op de wereld is, dat er lekkerder uitziet dan kinnebakspek. Maar voor de snert is het een heerlijke toevoeging.

De smaak is heerlijk en het behoudt z'n vorm tijdens de langdurige bereiding.

 

Ook wil ik even uitleggen, waarom je het botje van de varkensnek en andere botten nodig hebt voor de snert. In de botten van een varken, zit veel gelatine.

Dit heb je nodig voor de binding van de soep. Je zult zien, dat als je alleen vlees zonder bot gebruikt, de soep niet zo mooi bindt, als met de botten.

 

Ik ben in totaal ongeveer 36 uur bezig geweest met de bereiding van de snert, maar dat is het wel waard geweest. Voor de komende winter zit ik er warmpjes bij, op de koude dagen.

 

Mocht je denken, dat je aan minder genoeg hebt, dan kun je altijd minder maken.

Verdeel het boodschappenlijstje naar verhouding en doe je ding.

Ik zeg wel...een steelpannetje snert lukt niet.

Als het dan klaar is, dan kun je niks anders doen, dan even proeven...

Moet er nog iets bij aan zout en peper? Of is het goed zo?

 

Eer van je werk is heel belangrijk. Dat gevoel van een koppie snert, een stukkie brood en een warme buik.

Eet smakelijk!

Rest mij verder niets, dan mijn Mop te bedanken voor haar hulp, geduld en en begrip voor de troep er is gemaakt en de uit de hand gelopen hoeveelheid snert.

Disclaimer:

Deze snert kan sporen van erwten en varkensvlees bevatten. Er wordt in dit recept geen gebruik gemaakt van kunstmatige geur-, kleur- en smaakstoffen.